NAAM
Artikel 1 1. De vereniging draagt de naam “Watersportvereniging Blinckvliet”. Zij is opgericht op veertien juli negentienhonderdeenenzeventig (14 juli 1971).
 
ZETEL
Artikel 2 2. De vereniging heeft haar zetel in Zuidland, gemeente Bernisse
 
DOEL
Artikel 3 1. De vereniging stelt zich ten doel de beoefening en de bevordering van de watersport.
  2. De vereniging tracht dit doel te bereiken door:
    a. Het aanbrengen en instandhouden van de nodige accommodatie, t.w. een jachthaven met bijbehorende voorzieningen;
    b. Het beleggen van vergaderingen en bijeenkomsten, het houden van cursussen en lezingen;
    c. Het organiseren van wedstrijden en tochten
    d. Het samenwerken met andere verenigingen die hetzelfde of nagenoeg hetzelfde doel nastreven;
    e. Andere middelen die voor het doel bevorderlijk kunnen zijn.
 
LEDEN, ERELEDEN, BUITENGEWONE LEDEN, ASPIRANT-LEDEN, JEUGDLEDEN EN BEGUNSTIGERS
Artikel 4 1. De vereniging kent leden, ereleden, buitengewone leden, aspirant-leden, jeugdleden en begunstigers (donateurs)
  2. Het bestuur houdt een register (ledenlijst) bij waarin de namen van de onder 1. bedoelde personen zijn opgenomen.
 
Artikel 5 1. Leden van de vereniging kunnen Nederlanders zijn die de leeftijd van 18 jaar hebben bereikt.
  2. Ereleden zijn zij, die al dan niet op voordracht van het bestuur als zodanig zijn benoemd wegens hun verdiensten voor de vereniging of wegens het feit dat zij zich ten opzichte van het doel dat de vereniging nastreeft bijzonder verdienstelijk hebben gemaakt.
  3. Buitengewone leden zijn zij, die de leeftijd van 18 jaar hebben bereikt en niet aan het in lid 1 gestelde vereiste van de Nederlandse nationaliteit voldoen.
  4. Aspirant-leden kunnen zijn zij die zich bij het bestuur voor het lidmaatschap c.q. buitengewone lidmaatschap hebben aangemeld en die met toestemming van het bestuur aan de activiteiten van de vereniging deelnemen maar nog niet tot het lidmaatschap c.q. buitengewoon lidmaatschap zijn toegelaten.
  5. Begunstigers (donateurs) zijn zij die zich jegens de vereniging verbonden hebben om deze jaarlijks te steunen met een door het bestuur vast te stellen minimumbijdrage.
  6. Ereleden, buitengewone leden, aspirant-leden en begunstigers hebben geen andere rechten en verplichtingen dan die welke hen bij of krachtens de statuten zijn toegekend respectievelijk opgelegd.
 
TOELATING
Artikel 6 1. Het bestuur beslist omtrent de toelating van leden, buitengewone leden, aspirant-leden, jeugdleden en begunstigers. De algemene vergadering beslist omtrent de benoeming van ereleden.
  2. In het huishoudelijk reglement kunnen inzake de overgang van aspirant-lid tot lid c.q. buitengewoon lid nader bepalingen worden opgenomen.
  3. Bij de beslissing omtrent de toelating als lid, buitengewoon lid, aspirant-lid of jeugdlid laat het bestuur zich bijstaan door een Commissie van Introductie. Het bestuur wijkt van de adviezen van deze commissie slechts om dringende redenen af.
     
EINDE VAN HET LIDMAATSCHAP
Artikel 7 1. Het lidmaatschap eindigt door:
    a. Opzegging door het lid per brief aan het bestuur. Wanneer het lidmaatschap in de loop van een verenigingsjaar eindigt, blijft desalniettemin de jaarlijkse bijdrage voor het gehele jaar verschuldigd.
    b. Overlijden van het lid;
    c. Opzegging door de vereniging; dit kan door het bestuur per aangetekende brief gebeuren wanneer een lid heeft opgehouden aan de vereisten van het lidmaatschap te voldoen dan wel wanneer hij/zij zijn/haar verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt, alsook wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet kan worden gevergd het
lidmaatschap te laten voortduren.
    d. Ontzetting; deze kan worden uitgesproken wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van de vereniging handelt, of de vereniging op onredelijke wijze wordt benadeeld.
  2 Ontzetting uit het lidmaatschap geschiedt door het Bestuur per aangetekende brief, maar niet nadat het lid in de gelegenheid is gesteld om een mondelinge toelichting op zijn handelen c.q. het nalaten daarvan te geven bij het bestuur.
  3. Van een besluit tot ontzetting uit het lidmaatschap staat de betrokkene binnen een maand na ontvangst van de kennisgeving van het besluit beroep open op de algemene vergadering. Hij wordt daartoe ten spoedigste schriftelijk van het besluit met opgave van redenen in kennis gesteld. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst.
  4. Indien geen beroep wordt ingesteld tegen een ontzetting uit het lidmaatschap dan wel nadat het beroep als bedoeld in lid 3 ongegrond is verklaart, is het desbetreffende lid verplicht zijn ligplaats voor of op de aangegeven datum op te geven en ook aan andere nog lopende verplichtingen te voldoen. Indien het niet nakomen hiervan leidt tot procedures dan wel andere kosten voor de vereniging, zullen deze op hem/haar worden verhaald.
  5. Het in de leden 1 tot en met 4 bepaalde is van overeenkomstige toepassing op het buitengewone lidmaatschap, het aspirant-lidmaatschap, het jeugdlidmaatschap en het zijn van begunstiger van de vereniging.
     
EENMALIGE EN JAARLIJKSE BIJDRAGEN
Artikel 8 1. De leden, de buitengewone leden, de aspirant-leden, de jeugdleden en de begunstigers zijn gehouden tot het betalen van een jaarlijkse bijdrage, die door de algemene vergadering zal worden vastgesteld.
  2. De leden, buitengewone leden, aspirant-leden, jeugdleden, voor zover aan hen een ligplaats is toegewezen of voor zover zij voor een ligplaats in aanmerking wensen te komen, zijn daarenboven gehouden eigenhandig aan het onderhoud van de haven mede te werken (hand en spandiensten), tenzij zij hiervan door of namens het Bestuur uitdrukkelijk zijn vrijgesteld.
  3. De leden, buitengewone leden, aspirant-leden, jeugdleden zijn bovendien gehouden tot het betalen van een initiële eenmalige bijdrage, die voor elk lidmaatschap door de algemene vergadering zal worden vastgesteld.
  4. Het Bestuur is bevoegd in bijzondere gevallen gehele of gedeeltelijke ontheffing van de verplichting tot het betalen van een bijdrage te verlenen.
  5. Voor zover de leden, buitengewone leden, aspirant-leden, jeugdleden een ligplaats is toegewezen zijn zij bovendien gehouden tot betaling van een vergoeding voor het ter beschikking krijgen van een ligplaats.
  6. Daarnevens kan door de algemene vergadering de leden, buitengewone leden, aspirantleden, jeugdleden de verplichting worden opgelegd deel te nemen in de financiering van de investeringen van de vereniging.
     
RECHTEN VAN ERELEDEN, BUITENGEWONE LEDEN, ASPIRANT-LEDEN, JEUGDLEDEN EN
BEGUNSTIGERS
Artikel 9 1. Behalve de overige rechten die aan ereleden, buitengewone leden, aspirant-leden, jeugdleden en begunstigers bij of krachtens de statuten worden toegekend, hebben zij het recht de door de vereniging georganiseerde wedstrijden, oefeningen, cursussen en andere evenementen bij te wonen en het terrein van de jachthaven te betreden.
  2. Ereleden, buitengewone leden, aspirant-leden, jeugdleden en begunstigers hebben bovendien het recht alle algemene vergaderingen van de vereniging bij te wonen en daarin het woord te voeren. Zij hebben geen stemrecht. Ereleden, die tevens gewoon lid van de vereniging zijn, zijn uit dien hoofde bevoegd alle ledenrechten uit te oefenen en verplicht alle plichten van gewone leden na te leven.
     
BESTUUR
Artikel 10 1. Het bestuur bestaat uit een oneven, door de vergadering vast te stellen aantal van ten minste zeven personen, die door de algemene vergadering worden benoemd. De benoeming geschiedt uit de leden, behoudens het bepaalde in lid 4. Van het aantal bestuursleden moet bij voorkeur de meerderheid in Zuidland of aangrenzende woonkernen woonachtig zijn.
  2. De benoeming van de bestuursleden geschiedt al dan niet uit één of meer niet bindende voordrachten; tot het opmaken van een dergelijk voordracht zijn bevoegd zowel het Bestuur als ten minste tien leden.
  3. De voordracht van het Bestuur wordt bij de oproeping voor de vergadering meegedeeld. Een voordracht door één of meer leden moet uiterlijk vijf dagen voor de aanvang der vergadering schriftelijk en volledig ondertekend bij het Bestuur worden ingediend.
  4. De algemene vergadering kan besluiten dat één lid van het Bestuur buiten de leden wordt benoemd.
     
BESTUURSFUNCTIES – BESLUITVORMING VAN HET BESTUUR
Artikel 11 1. De voorzitter wordt jaarlijks in de voorjaarsvergadering door de algemene ledenvergadering in functie gekozen.
Het bestuur wijst uit zijn midden een ondervoorzitter, een secretaris, een plaatsvervangend secretaris, een penningmeester en een plaatsvervangend penningmeester aan. Een bestuurslid, niet echter de voorzitter, kan meer dan één van de in de vorige zin genoemde functies
  2. Het Bestuur neemt besluiten met de stemmen van de meerderheid van het aantal in functie zijnde leden van het Bestuur.
  3. Van het verhandelde in elke vergadering worden notulen opgemaakt, die in een volgende vergadering door het Bestuur worden vastgesteld en dan door de voorzitter en de secretaris worden ondertekend
  4. Bij huishoudelijk reglement kunnen nadere regelen aangaande de vergaderingen van en de besluitvorming door het Bestuur worden gegeven.
     
EINDE BESTUURSLIDMAATSCHAP – PERIODIEK LIDMAATSCHAP – SCHORSING
Artikel 12 1 Het bestuurslidmaatschap eindigt:
    a. Ten aanzien van een lid van het Bestuur dat uit de leden benoemd is, door het eindigen van het lidmaatschap van de vereniging.
    b. Door schriftelijke opzegging; deze gaat in op het daarin genoemde moment.
  2. Elk bestuurslid, ook wanneer hij voor een bepaalde tijd is benoemd, kan te allen tijde door de algemene vergadering worden ontslagen of geschorst. Een schorsing die niet binnen drie maanden wordt gevolgd door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.
  3. Elk bestuurslid treedt uiterlijk drie jaar na zijn benoeming af, volgens een door het Bestuur op te maken rooster van aftreding, behoudens de voorzitter, die een jaar na zijn benoeming aftreedt. De aftredende kan herkiesbaar worden gesteld; wie in een tussentijdse vacature wordt benoemd, neemt op het rooster de plaats van zijn voorganger in.
     
BESTUURSTAAK – VERTEGENWOORDIGING
Artikel 13 1. Behoudens de beperking volgens de statuten is het Bestuur belast met het besturen van de vereniging. Het Bestuur vertegenwoordigt daarbij de vereniging, De bevoegdheid tot vertegenwoordiging komt bovendien toe aan de voorzitter alsmede aan ieder der bestuursleden, samen met een ander bestuurslid.
  2. Indien het aantal bestuursleden beneden zeven is gedaald, blijft het Bestuur bevoegd tot aan de eerstkomende algemene vergadering. Het bestuur kan in dat verband een bijzonder algemene vergadering bijeenroepen, waarin de voorziening in de open plaats of open plaatsen aan de orde komt.
  3. Het Bestuur is bevoegd onder zijn verantwoordelijkheid bepaalde onderdelen van zijn taak te doen uitvoeren door commissies waarvan de leden op voordracht van het Bestuur worden benoemd door de algemene vergadering voor een door de algemene vergadering van geval tot geval vast te stellen tijd.
  4. Het bestuur is, mits met voorafgaande goedkeuring van de algemene vergadering, bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen en tot het aangaan van overeenkomsten, waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerstelling voor een schuld van een ander verbindt.
  5. Het Bestuur behoeft eveneens goedkeuring van de algemene vergadering voor besluiten tot:
    a. het aangaan van overeenkomsten, waarbij aan de vereniging een bankkrediet wordt verleend;
    b. het als leen verstrekken van gelden, alsmede het te leen opnemen van gelden, waaronder niet is begrepen het gebruik maken van een aan de vereniging verleend bankkrediet.
     
JAARVERSLAG – REKENING EN VERANTWOORDING
Artikel 14 1. Het verenigingsjaar loopt van één januari tot en met éénendertig december.
  2. Het Bestuur is verplicht van de baten en lasten, alsmede van de vermogenstoestand van de vereniging zodanige aantekening te houden dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend.
  3. Het Bestuur brengt op een algemene vergadering binnen zes maanden na afloop van het verenigingsjaar, behoudens verlenging van deze termijn door de algemene vergadering, zijn jaarverslag uit en doet, onder overlegging van een balans en staat van baten en lasten, met toelichting, rekening en verantwoording over zijn in het afgelopen boekjaar gevoerde bestuur.
  4. De algemene vergadering benoemt jaarlijks uit de leden een commissie van onderzoek, bestaande uit twee commissieleden en één plaatsvervanger, die geen van allen deel mogen uitmaken van het bestuur. De commissie onderzoekt de rekening en verantwoording van het Bestuur en brengt aan de algemene vergadering verslag uit van haar bevindingen. Het Bestuur is verplicht de commissie ten behoeve van het onderzoek alle door haar gevraagde
inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden te tonen en inzage in de boeken en bescheiden van de vereniging te geven.
  5. Het Bestuur is verplicht de bescheiden bedoeld in de leden 2 en 3, gedurende tien jaren te bewaren.
     
ALGEMENE VERGADERING
Artikel 15 1. Aan de algemene vergadering komen in de vereniging alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of de statuten aan het Bestuur zijn opgedragen.
  2. Jaarlijks, uiterlijk zes maanden na afloop van het verenigingsjaar, behoudens verlenging van deze termijn door de algemene vergadering, wordt een algemene vergadering – de voorjaarsvergadering – gehouden.
In de voorjaarsvergadering komen onder meer aan de orde:
    a. Vaststelling van het verslag van de laatste algemene vergadering;
    b. Goedkeuring van het jaarverslag en van de rekening en verantwoording bedoeld in artikel 14, welke vergezeld gaat van het verslag van de daar bedoelde commissie; goedkeuring van bedoelde rekening en verantwoording strekt tot décharge van het Bestuur voor het gevoerde beleid;
    c. De benoeming van de in artikel 14 lid 4 genoemde commissie voor het volgende verenigingsjaar;
    d. Voorziening in eventuele vacatures, inclusief de benoeming van de voorzitter.
  3. Andere algemene vergaderingen worden gehouden zo dikwijls het bestuur dit wenselijk oordeelt, doch in ieder geval één in het najaar (de najaarsvergadering). In de najaarsvergadering komen onder meer aan de orde:
    a. Vaststelling van het verslag van de laatste algemene vergadering;
    b. Goedkeuring van de begroting voor het op één januari daaraanvolgend verenigingsjaar
    c. Vaststelling van contributie, liggelden en overige bijdragen.
  4. Voorts is het bestuur op schriftelijk verzoek van tenminste een zodanig aantal leden als bevoegd is tot het uitbrengen van ééntiende gedeelte der stemmen, of tenminste drie bestuursleden, verplicht tot het bijeenroepen van een algemene vergadering op een termijn van niet langer dan vier weken. Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg
wordt gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan door oproeping overeenkomstig artikel 19 of bij advertentie in tenminste één ter plaatse waar de vereniging gevestigd is veel gelezen dagblad en door mededeling op het in het clubgebouw aanwezige mededelingenbord. Het clubgebouw staat voor een dergelijke vergadering ter beschikking.
     
TOEGANG EN STEMRECHT
Artikel 16 1. Toegang tot de algemene vergadering hebben alle leden van de vereniging, het bestuurslid dat geen lid van de vereniging is, alle ereleden, alle buitengewone leden, alle aspirant-leden, alle jeugdleden en alle begunstigers. Geen toegang hebben geschorste leden, geschorste buitengewone leden, geschorste aspirant-leden, geschorste jeugdleden en geschorste
bestuursleden, behoudens tot vergaderingen genoemd in artikel 7, lid 3.
  2. Over toelaten van andere dan de in lid 1 bedoelde personen beslist de algemene vergadering.
  3. Ieder lid van de vereniging dat niet is geschorst, heeft één stem. Een bestuurslid dat geen lid van de vereniging is, heeft een raadgevende stem.
  4. Een stemgerechtigde kan zijn stem door een schriftelijk daartoe gemachtigd ander lid doen uitbrengen. Een gemachtigde kan niet meer dan drie leden vertegenwoordigen.
     
VOORZITTERSCHAP – NOTULEN
Artikel 17 1. De algemene vergaderingen worden geleid door de voorzitter van de vereniging of door de ondervoorzitter. Ontbreken de voorzitter en de ondervoorzitter, dan treedt een der andere door het Bestuur aan te wijzen bestuursleden als voorzitter op. Wordt ook op deze wijze niet in het voorzitterschap voorzien, dan voorziet de vergadering daarin zelf.
  2. Van het verhandelde in elke vergadering worden door de secretaris of een ander door de voorzitter van de vergadering aangewezen persoon notulen gemaakt, die na vaststelling door de algemene vergadering door de voorzitter van de vergadering en de notulist worden ondertekend. Zij die de vergadering bijeenroepen kunnen een notarieel proces verbaal van het verhandelde doen opmaken. De notulen of het proces verbaal worden ter kennis van de leden, de ereleden, de buitengewone leden, de aspirant-leden, de jeugdleden en de begunstigers gebracht door middel van het ter inzage leggen hiervan in het clubgebouw.
     
BESLUITVORMING VAN DE ALGEMENE VERGADERING
Artikel 18 1. Voor zover de statuten niet anders bepalen, worden alle besluiten van de algemene vergadering genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen.
  2. Indien bij stemming over personen niemand de volstrekte meerderheid heeft verkregen, heeft een tweede stemming plaats tussen de twee personen die de meeste stemmen op zich hebben verenigd en is hij/zij verkozen, die bij de tweede stemming de meerderheid der uitgebrachte stemmen op zich heeft verenigd. Indien twee casu quo meer dan twee personen eenzelfde aantal stemmen op zich verenigen, beslist het lot wie is gekozen casu quo wie voor een herstemming in aanmerking komt. Indien bij de tweede stemming de stemmen staken, beslist het lot.
  3. Indien de stemmen staken over een voorstel, niet rakende verkiezing van personen, dan is het verworpen.
  4. Alle stemmingen geschieden mondeling, tenzij de voorzitter een schriftelijke stemming gewenst acht of één der stemgerechtigden aanwezig dat voor de stemming verlangt. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten briefjes. Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht. Besluitvorming bij acclamatie is mogelijk, tenzij en stemgerechtigde aanwezige hoofdelijke stemming verlangt.
     
BIJEENROEPING ALGEMENE VERGADERING
Artikel 19 1. De algemene vergaderingen worden behoudens het bepaalde in artikel 15 lid 4 bijeengeroepen door het Bestuur. De oproeping geschiedt schriftelijk aan de adressen van de leden, ereleden, buitengewone leden, aspirant-leden, jeugdleden en begunstigers volgens het register bedoelt in artikel 5 lid 7. De termijn voor de oproeping bedraagt zeven dagen. Van de oproeping wordt mededeling gedaan op het in het clubgebouw aanwezige mededelingenbord.
  2. Bij de oproeping worden de te behandelen onderwerpen vermeld, onverminderd het bepaalde in artikel 20
     
STATUTENWIJZIGING
Artikel 20 1. In de statuten van de vereniging kan geen verandering worden aangebracht dan door een besluit van de algemene vergadering, waartoe op een termijn van ten minste tien dagen is opgeroepen met de mededeling dat aldaar wijziging van de statuten zal worden voorgesteld, alsmede de plaats waar het afschrift van het voorstel ter inzage ligt.
  2. Zij die de oproeping tot de algemene vergadering ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten ten minste tien dagen voor de dag van de vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de voorgedragen wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage leggen tot na afloop
van de dag waarop de vergadering wordt gehouden. Bovendien wordt een afschrift als hiervoor bedoeld, met de oproeping toegezonden.
  3. Een besluit tot statutenwijziging behoeft ten minste tweederde van de uitgebrachte stemmen.
  4. Een statutenwijziging treedt niet in werking dan nadat hiervan een notariële akte is opgemaakt.
     
HUISHOUDELIJK- EN HAVENREGLEMENT
Artikel 21 1. De algemene vergadering kan een huishoudelijk reglement en een havenreglement vaststellen.
  2. Het huishoudelijk reglement en het havenreglement mogen niet in strijd zijn met de wet, noch met de statuten.
     
LIDMAATSCHAP WATERSPORTVERBOND (voorheen KNWV)
Artikel 22 1. De vereniging kan verplichtingen aangaan, voor zover die verplichtingen voortvloeien uit de omstandigheid dat de vereniging lid is van het Watersportverbond. Deze bepaling is gelijkelijk van toepassing met betrekking tot verplichtingen voortvloeiend uit de omstandigheid dat de vereniging met voorafgaande toestemming van de algemene vergaderin
lid is van enige andere vereniging.
     
ONTBINDING
Artikel 23 1. De vereniging kan worden ontbonden door een besluit van de algemene vergadering. Het bepaalde in de leden 1, 2 en 3 van artikel 20 is van overeenkomstige toepassing.
  2. Bij een dergelijke vergadering moeten tenminste 75% van de stemgerechtigde leden aanwezig zijn. Zo dit niet het geval is wordt tenminste een maand later een volgende vergadering uitgeschreven. Hierbij geldt het voorgeschreven quorum niet.
  3. Het batige saldo na vereffening zal worden bestemd voor doeleinden, zoveel mogelijk in overeenstemming met het doel van de vereniging, tenzij de algemene vergadering bij het besluit tot ontbinding anders beslist; een en ander met inachtneming van hetgeen door de wet wordt bepaald.
     
SLOTBEPALING
Artikel 24 1. Het bestuur beslist in alle gevallen waarin de wet, de statuten of de reglementen niet voorzien.
     
Zuidland, 15 april 2005.